Op 10 mei 2007 verschenen in het Belgisch Staatsblad twee wetten die de omzetting moeten vormen van de Europese Handhavingsrichtlijn. Het betreft de Wet betreffende de burgerrechtelijke aspecten van de bescherming van intellectuele eigendomsrechten van 10 mei 2007 en de Wet betreffende de aspecten van gerechtelijk recht van de bescherming van intellectuele eigendomsrechten van 19 april 2007.Artikel 14 Handhavingsrichtlijn dat stelt dat 'als algemene regel, de redelijke en evenredige gerechtskosten alsook andere kosten die de in het gelijk gestelde partij heeft gemaakt, door de verliezende partij zal worden gedragen' werd niet omgezet. Onder 'andere kosten' worden advocatenhonoraria verstaan. De wetgever wenste echter de problematiek van de invorderbaarheid van erelonen op horizontaal vlak te regelen. Desondanks gaat dit standpunt m.i. niet op en dient de nationale rechter richtlijnconform - in het licht van het cassatie-arrest van 16 november 2006 - de erlonen van advocaten in zaken van intellectuele eigendom als schadepost in aanmerking te nemen.

0 reacties:
Een reactie plaatsen